Nederland heeft waterburgers nodig

We hebben dijken, gemalen en waterexperts. Maar leven met water vraagt om meer dan techniek alleen: ook om bewoners die weten waar ze wonen en meedenken over hun eigen omgeving.

Nederland heeft waterburgers nodig
Man op een bank aan de IJssel bij Zutphen tijdens het hoogwater van januari 2012. Foto: mgfoto / iStock

Nederland heeft zijn waterveiligheid zo goed geregeld dat bijna niemand er nog bij stilstaat. Dat is een prestatie om trots op te zijn. En precies daarin schuilt een probleem.

In maart 2027 zijn er waterschapsverkiezingen. De meeste Nederlanders zullen er nauwelijks aan denken: een vakje op het stembiljet, ingevuld of overgeslagen. Toch gaan ze over iets heel concreets: de plek waar we wonen, en hoe die zich houdt bij hevigere buien, langere droogte, hitte, bodemdaling en een stijgende zeespiegel.

Water en ruimte raken steeds nauwer verweven. Waar we bouwen, hoe we buurten inrichten, hoeveel ruimte we aan water geven: het zijn allang geen abstracte beleidsvragen meer. Het worden keuzes die zichtbaar worden in je eigen straat.

Nederland heeft geen tekort aan waterkennis. We hebben een tekort aan waterbetrokkenheid.

Veel mensen weten precies wie hun energieleverancier is en welke rente ze op hun hypotheek betalen. Maar wie weet nog op welke bodem zijn huis staat, en of die elk jaar millimeters of centimeters zakt? Wie weet welk waterschap zijn buurt beheert, of waar het regenwater uit zijn straat naartoe stroomt? Water is iets achter de schermen geworden. En juist omdat dat zo goed gebeurt, zijn we het uit het oog verloren.

Hoe anders het kan, merkte ik jaren geleden in Vietnam. Op een avond zat ik bij een buurtbijeenkomst in Chau Doc, aan de Mekongrivier. Eerst werd een burenruzie uitgepraat, daarna kwamen wat praktische zorgen in de wijk aan bod. En aan het einde van de avond legden de bewoners geld bij elkaar om een dijkje aan de rand van de buurt te verhogen.

Wat me trof, was niet dat dijkje. Het was de vanzelfsprekendheid ervan. Water was daar geen apart beleidsterrein, maar iets waar je samen verantwoordelijk voor bent.

Zo was het bij ons ooit ook. Water zat in de haarvaten van de samenleving. We zijn die betrokkenheid niet kwijtgeraakt omdat water minder belangrijk werd, maar omdat we het zo goed hebben georganiseerd dat het voor veel mensen onzichtbaar werd.

We mogen dankbaar zijn voor de ingenieurs, waterschappen en bestuurders die ons in een van de best beschermde delta's ter wereld laten wonen. Maar hun succes heeft een keerzijde: veel mensen zijn vergeten dat water niet alleen een technische, maar ook een maatschappelijke kwestie is.

En die kwestie komt terug, letterlijk in de buurt. Steeds vaker worden keuzes zichtbaar in onze directe omgeving. Waarom wordt dat plein opengebroken en vergroend? Waarom mag die sloot achter de huizen niet zomaar gedempt worden? Waarom bepaalt de bodem ineens waar wel en niet gebouwd kan worden?

Dat zijn geen vragen die experts in hun eentje kunnen beantwoorden. Ze vragen om inwoners die meedenken.

Daarom moeten we de stap zetten van waterbewustzijn naar waterburgerschap: van weten dát water belangrijk is, naar je medeverantwoordelijk voelen voor hoe je omgeving met water omgaat.

Niet omdat iedereen hydroloog moet worden, maar omdat we bewoners nodig hebben die zich verbonden voelen met de grond onder hun voeten.

De waterschapsverkiezingen van 2027 zijn daarvoor een mooie aanleiding. Niet alleen om te stemmen, maar om mee te doen als kandidaat, als betrokken inwoner, of gewoon als buur die vragen stelt over de eigen straat, wijk of polder.

Want de toekomst van dit land wordt niet alleen bepaald door wat ingenieurs ontwerpen of bestuurders besluiten. Ook door hoeveel mensen zich weer verbonden voelen met de plek waar ze wonen.

Water vormt onze delta al eeuwen. De volgende stap is dat meer mensen zich er weer verantwoordelijk voor voelen.